Opgelet!

Dit werkinstrument heeft geen bindende legale waarde. Het is een referentiedocument gebaseerd op juridische analyse


FAQ



Ik behoor tot het niet-onderwijzend personeel

Leerkrachten en ander personeel beschikken over hun vrijheid van meningsuiting, doch niet altijd in dezelfde mate gelet op hun betrokkenheid bij het pedagogisch proces. Deze vrijheid kan op twee manieren beperkt worden:

  • in het vrij onderwijs kan een verbod van elk overtuigingsteken voorwerp uitmaken van een objectieve en redelijke rechtvaardiging aangezien deze kunnen beschouwd worden als tendensondernemingen. Ze zouden dan ook een reglementering kunnen uitwerken inzake veruiterlijking van overtuigingen hetzij in de zin van een verbod, hetzij in de zin van een verplichting.
     
  • in het officieel onderwijs zou het verbod van elk overtuigingsteken eveneens kunnen objectief en redelijk gerechtvaardigd worden in naam van de neutraliteit van de openbare dienst, voor zover evenwel neutraliteit in de “exclusieve” zin begrepen wordt (Zie hierover Bergen, 12 maart 2010, waar duidelijk gesteld wordt dat het grondrecht op godsdienstbeleving enkel kan beperkt worden via wetgeving en niet door een administratieve beslissing). De situatie van godsdienstleerkrachten moet op een andere manier bekeken worden;
     
  • Er is een juridische discussie aan de gang. Sommigen zijn de mening toegedaan dat de leerkrachten en het statutair personeel vallen onder de toepassing van de decreten genomen door de Gemeenschappen terwijl de contractuelen onder het toepassingsgebied van de federale wet vallen. Anderen daarentegen menen dat alle personeelsleden onder toepassing van de decreten vallen. Wat er ook van zijn er dient gewaakt te worden over de coherentie van de eventuele reglementeringen.

 

Print deze pagina Klein lettertype Normaal lettertype Groot lettertype Any Surfer website